Het Verhoor: Dido Drachman over Zwanendrifters
4 oktober 2020 


Ook vanuit eigen rangen is er wat productiviteit te melden. Afgelopen week mocht ons eigen redactielid Dido Drachman debuteren bij Scratch met haar boek Zwanendifters.

door Bruno Willaert

verhoor-dido2

Wat moet de lezer weten over jou?
Hallo lezer, ik ben Dido Drachman. Ik vind over mezelf schrijven ongemakkelijk maar hier zijn we dan toch. Ik ben een Nederlandse, geboren en getogen in de grootstad Amsterdam. Stiekem ken ik Gelderland en de Veluwe alleen maar van daar elke zomer te hebben gekampeerd als kind. Een zomer toen ik zeven was heb ik nog overwogen boswachter te worden. Dat was van korte duur.

Voor mij gaat Zwanendrifters over verloren veiligheid en isolatie, gevoelens die we denk ik allemaal wel eens hebben gevoeld terwijl we opgroeiden.

Bij Scratch verscheen deze week je debuutalbum Zwanendrifters waarin een disfunctioneel gezin centraal staat. Hoe ben je bij dit thema gekomen?
Het eerste dat ik wist over het verhaal was dat het ging over een meisje op zoek naar haar moeder. De rest is er omheen gegroeid, zo ook het disfunctionele gezin. Eigenlijk is een zijtak van mijn interesse in oorsprong familieverhalen. Ik heb een aantal thema’s die mij altijd aanspreken en vaak de bron vormen voor mijn ideeën. Een daarvan is hoe we ons eigen verleden een plaats geven. Voor mij gaat Zwanendrifters over verloren veiligheid en isolatie, gevoelens die we denk ik allemaal wel eens hebben gevoeld terwijl we opgroeiden.

 

De keuze van de zwaan als metafoor en het bijhorende Hollandse kinderliedje als leidraad helpt de lezer om zich te verplaatsen in de kinderlijke leefwereld van Bettie die op zoek gaat naar haar verdwenen moeder. Ik ga ervan uit dat het niet over jou gaat, maar hoeveel van jezelf zit er in het hoofdpersonage?
Het is grappig hoe zoiets ontstaat. Ik was opzoek naar namen voor Bettie’s ouders in het geboorteregister circa 1960. Daar vond ik de naam Zwaantje. Wat ik gewoon een mooie naam vond, typisch Nederlands ook, maar dat werd in een klap de leidraad.

zwaantje

Natuurlijk zal Bettie iets van mij hebben, maar we hebben eigenlijk vrij weinig gemeen. We zijn heel anders opgegroeid. Ik kom uit een hecht gezin en ik ben enige kind om maar een paar verschillen te noemen. Het enige is dat we misschien allebei eenzame kinderen waren. Het verhaal heeft elementen van mijn jeugd. Mijn peetmoeders koosnaam voor mij was Monster. Ik ging graag naar de Veluwe als kind.  Iedereen rookte en als ik terugkijk naar foto’s van toen ik 13 was had ik wel net zulk haar.

(lees verder onder de foto)

bettieen13jarigeik

Foto van 13 jarige ik & Bettie op p. 8

Door de voetbalmatch had ik al begrepen dat het verhaal zich ergens halverwege jaren negentig plaatsvond, wat later in het verhaal bevestigd wordt. Ook zit er achterin het boek een landkaart waar je exact kan zien waar het verhaal zich afspeelt. Via Google kan je zelfs het huis bezichtigen dat op het opgegeven adres gelegen is. Vanwaar het specifieke tijdskader en plaats? Het verhaal eindigt immers in 1996, in België bekend als het jaar van de zaak-Dutroux.

Haha, ik denk dat het wat over mij zegt. Ik ben opgegroeid in het staartje van de jaren negentig en wilde wegens de vermiste moeder vooral niet te maken hebben met het Internet, omdat dat het zoeken weer heel anders maakt.  De locatie heeft te maken met mijn liefde voor de Veluwe. Het precieze bungalowpark bestaat inderdaad, maar zoals het eruit ziet is het voornamelijk fictie.

Ik lees en luister behoorlijk wat true crime en ja, de zaak-Dutroux heeft mee gespeeld. Hoewel ik de impact in Nederland niet gevoeld heb als kind leek het me toch niet geloofwaardig dat een jong meisje daarna alleen op de trein mocht.

Heel opvallend is ook wel het specifieke kleurenpalet per scene die een bepaalde sfeer weergeven die bij de scene past.
Het kleurenpalet is grof te verdelen in een binnen en een buitenwereld. De buitenwereld verandert per seizoen. Het begint in de herfst met bleekroze en Indigo dat ontstond zo omdat ik de laaghangende nevel wilde kunnen schilderen. Vanuit die keuze maakte ik er meer, de meeste op gevoel.

 

 

Waar haal je doorgaans je inspiratie vandaan?
Ik werk meestal rond een gevoel dat ik al een paar jaar besluip en probeer te vertellen. Dan ontstaat er een sfeer in mijn hoofd die associaties oproept en daar probeer ik dan meer over te vinden.

“Trust your obsessions. This is one I learned more or less accidentally. People sometimes ask whether the research or the idea for the story comes first for me. And I tell them, normally the first thing that turns up is the obsession: for example, all of a sudden I notice I’m reading nothing but English 17th century metaphysical verse. And I know it’ ll show up somewhere- whether I’ ll name a character after one of those poets, or use that time period, or use the poetry, I have no idea. But I know one day it’ ll be waiting for me.” (Neil Gaiman, 1999, p. 29-31)

In dit citaat beschrijft Gaiman zijn obsessies en hoe deze de voedingsbodem zijn voor zijn verhalen, zowel direct als indirect. Ik merk vaak dat het de indirecte associaties zijn, zowel nieuwe als oude informatie die ik gebruik als inspiratie.

Wat mogen we nog verwachten van jou in de toekomst?
Haha, hopelijk nog vele boeken! Laten we eerst maar 2020 overleven.

Profiel Dido Drachman »
Website Dido Drachman »




Gerelateerde berichten