Het ontbijt van Pulp deLuxe vandaag: twee eieren en wat peper. Toby De Clercq en Shuxian Lee serveren met Ominous Egg en PolyphonEgg Dream elk hun eigen interpretatie van het ei als mysterieus middelpunt. Rienke Mornie zorgt met Sapphic Steel voor de nodige kruiding. We legden het trio dezelfde vragen voor.

Jullie strips verschillen enorm van toon en stijl, van dromerige sciencefiction tot pure punkchaos, maar voelen tegelijk alsof ze uit dezelfde ondergrond komen. Hoe zijn jullie in de wereld van het beeldverhaal terechtgekomen, en wat trok jullie daarin aan dat jullie in andere media minder vonden?

Rienke Mornie: "Mijn moeder is een groot literatuurliefhebber en wilde die liefde voor verhalen doorgeven aan haar kinderen. Bij mijn zus lukte dat meteen, maar bij mij bleek al snel dat ik dyslexie had. Gelukkig stond er een gigantische stripdoos in de woonkamer. Weinig tekst, veel plaatjes: heerlijk. Ik verslond Asterix en Thorgal, speelde de verhalen na in de tuin en verkleedde me als Romeinse centurio.

Strips zijn daardoor altijd een belangrijk deel van mijn jeugd gebleven. Tegelijk heb ik beseft dat het medium zich ergens in de marge van de literatuur bevindt. En net daarin schuilt een enorme vrijheid. Als auteur kan je veel makkelijker experimenteren met hoe een verhaal verteld wordt. Dat is vandaag nog altijd wat mij het meest inspireert."

Rienke Mornie
Shuxian Lee

Shuxian Lee: "Graphic novels voelden altijd als de meest natuurlijke manier om mijn liefde voor literatuur en beeldende kunst te combineren. Mijn opleiding ligt eigenlijk in de filmwereld, maar ik heb ook veel geëxperimenteerd met andere media, zoals schilderkunst en keramiek. Daarnaast schrijf ik graag. Het idee van verhalen vertellen via een combinatie van tekst en beeld heeft me altijd gefascineerd.

Graphic novels bleken daarvoor het perfecte medium, zeker nadat ik werk ontdekte van Dave McKean en David Mazzucchelli, zoals Asterios Polyp. Ze geven me de vrijheid om verhalen op een onconventionele manier te vertellen, zonder de beperkingen die andere media soms opleggen."

Toby De Clercq: "Ik studeerde illustratie in Antwerpen, maar tijdens die opleiding besefte ik dat strips voor mij een interessantere richting waren. Losse illustraties voelden vaak wat beperkt. Ik had het gevoel dat er meer te vertellen viel dan in één beeld paste.

Met strips kan je een volledige wereld opbouwen en een verhaal visueel tot leven brengen. Wat mij vooral aanspreekt, is dat je dat grotendeels alleen kan doen. Voor animatie of film heb je meestal een heel team nodig, terwijl je met een strip als maker veel meer controle hebt over het eindresultaat."

Toby De Clercq

Hoe kijk je terug op je opleiding, en wat is er sindsdien veranderd in hoe je naar je eigen werk kijkt?

Shuxian: "Mijn formele opleiding lag in film en later in grafisch ontwerp. Eerlijk gezegd heb ik een groot deel van die periode doorgebracht met dagdromen en allesbehalve naar de lessen gaan. Wat me wel enorm boeide, waren de vakken kunstgeschiedenis en kritische theorie. Die hebben mijn kijk op strips en sequentiële kunst sterk beïnvloed. Ze maakten me vertrouwd met verschillende manieren van denken en werken.

Het verhaal van deze strip heb ik letterlijk gedroomd.

Ook de tijd die ik buiten de schoolbanken doorbracht, heeft uiteindelijk zijn nut gehad. Het leven levert nu eenmaal verhalen op. Vroeger werkte ik vooral vanuit boosheid en frustratie. Ik had veel energie en wilde iets bewijzen. Vandaag ben ik reflectiever geworden. Die drang om mezelf voortdurend te bewijzen is minder aanwezig, en dat zie je ook terug in mijn werk."

Rienke: "Mijn humaniora volgde ik aan een tuinbouwschool, waar we maar één jaar plastische opvoeding kregen. De overstap naar het hoger kunstonderwijs was dan ook een openbaring. Mijn kijk op mijn eigen werk werd volledig door elkaar geschud.

Sindsdien is zowat alles veranderd: de thema's die me interesseren, mijn tekenstijl, mijn werkethiek, mijn kleurgebruik en zelfs de manier waarop ik met kritiek omga."

Mijn bikers zijn een manier om eens compromisloos kwaad te mogen zijn. Even een vadsig wijf zijn kan ongelooflijk deugd doen.

Toby: "Tekenen is een voortdurend leerproces. Als ik werk van enkele maanden geleden terugzie, merk ik al dingen op die ik vandaag anders zou aanpakken. Tegelijk toont dat ook hoeveel vooruitgang je maakt.

Wanneer ik terugkijk naar mijn werk uit mijn opleiding, zie ik vooral de fouten die ik toen maakte. Dat is soms een beetje confronterend, maar ik besef ook dat net die fouten nodig waren om verder te groeien als tekenaar."

Jullie werk zit vol echo's van andere werelden, genres en beeldculturen. Welke kunstenaars, strips, films, muziek of subculturen hebben jullie het meest gevormd?

Rienke: "Ik hou van queer punk en trashy B-movies, maar dat zal waarschijnlijk niemand verbazen. (lacht) Wat nog? Het Tapijt van Bayeux, Dykes on Bikes, Amanda Lear, Jesus Christ Vampire Hunter... Tijdens het maken van Sapphic Steel heb ik ook veel gehad aan Prison Pit van Johnny Ryan en Unlovable van Esther Pearl Watson. Heel uiteenlopende invloeden, maar ergens komen ze allemaal samen in dezelfde energie."

Shuxian: "Er zijn eigenlijk veel te veel invloeden om op te noemen. Ik heb een grote liefde voor de postimpressionisten, vooral vanwege hun kleurgebruik en composities. Daarnaast haal ik veel inspiratie uit literatuur. Films spelen dan weer mee in hoe ik nadenk over kadrering en narratief.

Graphic novels die een grote indruk op me hebben gemaakt zijn onder meer My Favourite Thing is Monsters van Emil Ferris, Asterios Polyp van David Mazzucchelli, de illustraties van Dave McKean voor Arkham Asylum, Skim van de Tamaki-zussen en Stonefruit van Lee Lai. Voor deze strip kwam de inspiratie zelfs deels uit middeleeuwse manuscripten met polyfone muziek."

Toby: "Moebius is zonder twijfel een van mijn grootste invloeden. Tijdens mijn opleiding raakte ik compleet gefascineerd door zijn werk. Daarnaast ben ik al van kinds af aan fan van SODA van Bruno Gazzotti.

Andere tekenaars die me inspireren zijn Katsuhiro Otomo, Tatsuyuki Tanaka en Masamune Shirow. Ook anime speelt een grote rol in mijn werk, vooral reeksen en films uit de vroege jaren 2000 en ouder."

Ominous Egg draait rond een ei dat tegelijk fragiel, mysterieus en bijna kosmisch aanvoelt. Wat fascineerde je aan dat beeld? Zag je het ei vooral als een concreet object binnen het verhaal, of ook als iets symbolisch waar lezers zelf betekenis in kunnen leggen.

Toby: "Ik heb bewust gekozen voor een open einde, zodat lezers zelf kunnen beslissen wat het ei precies betekent. Dat was van bij het begin het plan. Alleen kon ik het uiteindelijk niet laten om verder te tekenen. (lacht)

Er bestaan ondertussen nog een twintigtal extra pagina's waarin ik het verhaal verderzet. Daarin blijkt het ei een levensbron te zijn die alle flora op de planeet ondersteunt. Uiteindelijk barst het zelfs open op aarde en laat het een chaos van buitenaardse planten los."

Sapphic Steel

Sapphic Steel voelt als een botsing tussen roadmovie, punk, queer fantasy en exploitationcomic. Hoe ben je tot die mix van motoren, geweld, humor en sapphic energie gekomen? Was het vooral leuk om mee te spelen, of wou je ook iets openbreken in hoe queer verlangen meestal in strips wordt getoond?

Rienke: "Ik wilde niet zozeer iets openbreken rond hoe queer verlangen in strips wordt getoond, maar eerder rond hoe vrouwelijke woede wordt geuit. In mijn eigen leven maak ik vaak mee dat mijn kwaadheid niet ernstig genomen wordt. Dan ben je zogezegd een hysterische vrouw, word je genegeerd of gekleineerd, of is het gewoon niet veilig om kwaad te zijn. Dat hoor ik ook vaak van andere AFAB-personen (n.v.d.r. Assigned Female At Birth).

Mijn bikers zijn een manier om eens compromisloos kwaad te mogen zijn. Even een vadsig wijf zijn kan ongelooflijk deugd doen. (lacht)

Ik heb me trouwens enorm geamuseerd, zowel tijdens het opzoekwerk als later bij het tekenen van het boek."

Tussen alle groteske humor en agressie zit ook iets heel ritmisch in de pagina-opbouw en kleurkeuze. Hoe belangrijk zijn muziek en tempo tijdens het tekenen van zo’n strip?

Rienke: "Muziek is enorm belangrijk voor mij. Ik ben dol op de glamrockesthetiek van de jaren zeventig en tachtig, en die sijpelt vanzelf mijn strips binnen.

Ik plan het ritme van mijn pagina's niet bewust uit, maar tijdens het tekenen luister ik wel naar verschillende playlists die passen bij de sfeer waarin ik op dat moment werk. Ik vermoed dat dat uiteindelijk toch invloed heeft op het tempo en de energie van de strip."

In PolyphonEgg Dream lijkt het ei bijna een droommachine of een muzikale resonantiekamer te worden. Hoe kwam dat beeld bij jou terecht, en wat maakte het geschikt om zo’n associatieve, bijna hypnotische strip rond op te bouwen?

Shuxian: "Het verhaal van deze strip heb ik letterlijk gedroomd. De betekenis van die droom sluit heel nauw aan bij wat er in mijn leven speelt. Omdat er ook muziek in voorkwam, kreeg ik het idee om de stripvorm te geven als een manuscript dat in verschillende richtingen gelezen kan worden.

Dat leek me de beste manier om zowel de droomlogica als de muzikale structuur van het verhaal zichtbaar te maken."

Ik heb bewust gekozen voor een open einde, zodat lezers zelf kunnen beslissen wat het ei precies betekent.

Waar zijn jullie momenteel mee bezig, en welke richting willen jullie nog uit met jullie werk?

Rienke: "Ik zit momenteel een beetje in het typische post-afstudeergat. Overdag werk ik voor een Zweedse meubelgigant. Het is fysiek zwaar werk en na een shift is mijn zetel vaak mijn beste vriend. (lacht)

Af en toe doe ik nog kleinere projecten om bezig te blijven, maar ik heb soms het gevoel dat ik te weinig maak. Mijn therapeut zegt dat het oké is om het even rustig aan te doen, en ik denk dat ze daar gelijk in heeft."

Toby: "Momenteel werk ik ideeën uit voor een nieuwe strip, dit keer met een meer uitgewerkte en concrete verhaallijn. Ik weet nog niet precies welke richting het verhaal zal uitgaan, maar ik wil vooral veel blijven tekenen en mijn visuele bibliotheek verder uitbreiden."

Shuxian: "Momenteel werk ik aan mijn eerste graphic novel, een verhaal over rouw en verbondenheid. Tegelijk wil ik ook experimenteren met de vorm. Ik speel met het idee om de traditionele manier waarop we graphic novels lezen te doorbreken, waardoor het eindresultaat misschien eerder op een kunstenaarsboek zal lijken dan op een klassiek stripalbum.

Daarnaast wil ik genres door elkaar laten lopen. Zo zullen er bijvoorbeeld ook recepten in voorkomen. Ik ben benieuwd waar die combinatie me uiteindelijk brengt."

 

 

In de refter van Pulp deLuxe vallen intussen een bende razende bikers binnen. Maar ze zijn te laat. Het ontbijt is al op.