Het Verhoor: Jeroen Janssen
15 maart 2020 


Vanavond publiceerden we “Terug naar Rwanda” op Pulp deLuxe, een kortverhaal van Jeroen Janssen die ons terugvoert naar Rwanda waar hij zelf tot de start van de genocide verbleef. In zijn gekende stijl voert hij ons mee naar de dorpen Cyeya en Nyundo voor een aantal meeslepende getuigenissen. We rakelden deze strip nog eens boven ter gelegenheid van het evenement De Zoon van Kuifje, dat later deze maand in Ledeberg zou doorgaan. Maar zoals je al kon raden is ook dit evenement door de Corona-crisis uitgesteld naar een later datum. Toch hadden we nog een gesprek met Jeroen over oa Rwanda, zijn Abadaringi, Rwandese spreekwoorden, Schubert en Che Guevara.

door Bruno Willaert

Wat trekt jou zo aan aan Rwanda?
Ik heb er ooit een paar jaar gewoond. Het was liefde op het eerste gezicht, de prachtige landschappen: heuvels, de vulkanen die we vanuit ons huis konden zien en het Kivumeer, de kleurige bloemen en planten. Urenlange wandelingen in de heuvels. Maar ook de ontmoetingen met de bevolking, de vrienden die we er hadden.

Aan dat alles kwam een eind met de genocide van 1994 toen we moesten vluchten. Maar veel contacten bleven duren, via brieven dan. Of af en toe klopte er een naar België gevluchte Rwandees bij ons aan. Sinds 2006 ben ik weer regelmatig beginnen terugkeren om oude vrienden op te zoeken en aan nieuwe boeken te werken.

Ga je nog vaak terug? Hoe vergaat je je voormalige Abadaringi nog?
Om de zoveel jaar begint het heel hard te kriebelen om nog eens terug te gaan. Het liefst van alles zou ik mijn vrouw Els eens meenemen om haar dat mooie land te tonen waar ik zoveel inspiratie vond. Maar vliegschaamte houdt haar voorlopig nog tegen.

 

Mijn Abadaringi… Misschien wat uitleg bij dat woord. Abadaringi is de bijnaam die de studenten van de Ecole d’Art van Nyundo, de enige kunstschool in het land, zichzelf gaven. En omdat ik er les gaf noem jij ze ‘mijn’ Abadaringi. Enkelen zijn helaas omgekomen bij de genocide, of in de jaren die daarop volgden. Sommigen wonen nog steeds in Rwanda. Een klein deel vond zijn weg als kunstenaar, kunstleraar of grafisch ontwerper. Velen sloegen een andere weg in, of in Rwanda of aan de andere kant van de wereld. Je kunt het zo gek niet bedenken: kokkin in een bejaardentehuis in Frankrijk, grafisch ontwerper in Moskou of in Nederland, opvoeder in Ukkel, rekkenvulster bij Colruyt in Molenbeek, luchtmachtofficier en Bernie Sanders-fan bij het US Army, of politiebeambte in Anderlecht. Deze laatste is ook een goede zanger en hij zal de avond in Ledeberg opfleuren.

 

Bij Black Olive Press verscheen onlangs nog “Spreekwoorden uit Rwanda” (in riso). Vertel daar eens wat meer over.
Henk van der Does
van Black Olive Press volgt mij al een paar jaar. Ik signeer regelmatig bij hem op de stripdagen van Haarlem. In 2014 of 2015 kwam het idee bij hem op om een kunstboekje te maken vertrekkende van de lino’s met Rwandese spreekwoorden die ik van tijd tot tijd maak. Ik wilde van de gelegenheid gebruik maken om het thema wat meer uit te werken en schreef er toen een aantal bedenkingen bij deze en maakte associaties met andere bestaande spreekwoorden. Er werd een goede vormgever gezocht en Wasco zou het drukwerk verzorgen in riso. Het werd een werk van heel lange adem, vaak twijfelde ik of het ooit wel af zou geraken. Maar al bij al vind ik dat het het de moeite waard geweest is. Door het semi-manueel drukproces heeft ook Wasco er een grote stempel op gedrukt en is het 100x waardevoller dan wanneer het bij een machinaal gedrukte, getrouwe reproductie van mijn werk wou gebleven zijn.

 

Op vrijdagavond 27 maart is er in Ledeberg een evenement van jou met de naam “De Zoon van Kuifje”. Wat mogen we allemaal verwachten?
Ik zal, onder het projecteren van massa’s schetsen, foto’s en strippagina’s een idee geven hoe ik van striptekenaar geëvolueerd ben naar tekenend reporter. Vandaar ook dat de uitreikers van de Bronzen Adhemar op het idee kwamen om mij De Zoon van Kuifje te noemen.

Tussendoor brengt Jacques Sayiba, een oud-student van de Ecole d’Arts van Nyundo, enkele Rwandese liedjes over Nyundo en over de liefde. Heel mooi. Na de pauze speelt ook nog Dirk Moelants, een goede viola de gambaspeler die ook in Ledeberg woont (en met wie ik bij de Ledebirds speel) een soloconcertje. En tijdens de pauze zal ik boekjes signeren natuurlijk.

(De Zoon van Kuifje is intussen door de Corona-crisis uitgesteld naar een latere datum, nvdr)

Klassieken afsluiter: wat staat er nog op stapel voor de eerstkomende tijd?
Eindelijk die Schubert-strip afwerken waar ik ooit met Pieter van Oudheusden († 2013) aan begonnen ben. Posthumus wordt de titel. Die strip willen we tijdens de Stripdagen Haarlem (en een week later in Maison Autrique in Schaarbeek) voorstellen met een kleine Schubertiade. Daar is nog veel werk aan, niet zozeer aan het tekenen, want alles is min of meer binnen bij Uitgeverij Sherpa, maar wel aan mijn vioolspel. Gelukkig vond ik bij de Ledebirds een geduldige en enthousiaste pianiste, An Rosiers. We hebben ook een zangeres met een heel mooie stem, Nadiya Mehdizadeh, en ik zal al blij zijn als ik haar mooie interpretaties van Schubert (in het Farsi!) niet zal bederven.

 

Het andere project -dat ben ik volop aan het lay-outen nu- is de reportage over de oude Rwandees, Jérôme Sebasoni, die in 1965 met Che Guevara in Congo was. Dat is een (waar gebeurd) verhaal dat ik maak met Hilde Baele, die nu in Mauritanië woont maar met wie ik nog elke dag nieuwe plannen smeed. Het is ook het verhaal over onze zoektocht naar de sporen van Jérôme, die we op cruciale momenten toch in levende lijve, samen konden ondernemen, in Rwanda, Burundi en Cuba. Dat boek verschijnt in september bij Oogachtend.

Nu het openbare leven door de Corona-pandemie volledig dreigt stil te vallen denk ik niet dat ik mij gauw zal vervelen. Vele verplichtingen vallen weg en daarvan zal ik dankbaar gebruik maken om enkele zaken te doen waar ik niet meer echt aan toe kwam: de stapels nieuwe strips en boeken lezen die zich ophopen in mijn woonst, nog wat beter leren tekenen en ook flink oefenen op de viool.

En hopen dat de mensen die ik lief heb gespaard blijven van de ziekte.

Terug naar Rwanda op Pulp deLuxe »
Profiel Jeroen Janssen »




Gerelateerde berichten