Het Verhoor: Lander Ceuppens
7 februari 2021 


Lander Ceuppens kennen we nu vooral door Stralend wit op 60°, een stripverhaal vol wasproducten en gruwelijke huisstofmijten.  Maar met werkgevers zoals Kinky en Cosy en Het Mediahuis, toont deze sympathieke illustrator aan dat hij al veel mooie dingen op zijn repertoire heeft staan. Materie genoeg om hem eens goed te verhoren!

door Veerle Devos.

verhoor-lander2

Als Pulp de Luxe een biografie van je zou moeten uitbrengen, wat zou er dan zeker in moeten staan?
Ik denk niet dat mijn leven een interessante biografie zou opleveren. Er zijn weinig extreme hoogtes en laagtes geweest.. Zeker het laatste jaar is vrij monotoon geweest (lacht).

Een balpen is het materiaal waarmee ik als kind al het meest mee tekende, en waarnaar ik ook vaak automatisch teruggrijp.

Je studeerde animatie aan het KASK in Gent. Heb je er ooit aan gedacht om je eigen animatiefilm uit te brengen?
Ik heb na mijn studies nog wel eens een korte animatiefilm gemaakt. Het probleem is dat, zelfs een korte film, godsgruwelijk veel werk kost. Tenzij je in een bepaalde stijl werkt, dat je wat kan ‘vals spelen’, met kindertekeningen of zo.  Je kan het ook heel minimalistisch proberen te houden, dan  neemt het wat minder tijd in beslag. Maar als je 12 of 24 frames per seconde moet animeren, zit je toch al gauw aan een jaar werk voor een film van pakweg vijf minuten. Maar als ik een idee krijg voor een scenario met een duidelijke stijl waar ik heel tevreden over ben, wil ik het zeker nog eens een kans geven.

 

Met je diploma animatiefilm op zak kwam je als storyboarder bij Kinky en Cosy van Nix terecht. Hoe was het om aan deze, toch wel bekende, humoristische stripreeks mee te werken? Had je ook inspraak in het schrijven van de gags?
Toen ik als storyboarder bij Kinky en Cosy  ben beginnen werken, waren de verhalen reeds geschreven, dus inspraak heb ik niet echt gehad. Het pure storyboarden was best lastig, ik moest wennen aan de tekenstijl. Maar later in het project heb ik er ook veel aan mogen animeren. Ik mocht ook  props ontwerpen,  dat was veel leuker. Het tekenen ging na een eindje al een stuk vlotter. Het was heel plezant om een aflevering van Kinky en Cosy, die ik helemaal zelf geanimeerd had, op tv te zien. Daar doe je het als student animatie toch een beetje voor.

Jij werkt als vormgever en illustrator voor Mediahuis waardoor jouw illustraties vaak in Het Nieuwsblad verschijnen. Wat voor soort opdrachten krijg je meestal voorgeschoteld en krijg je vaak reacties op je tekenwerk?
De opdrachten gaan heel breed, soms is het een grote, dragende illustratie, over verschillende pagina’s, soms iets heel klein om een kort artikel wat op te fleuren. Maar dat houdt het leuk. Het Mediahuis geeft me ook heel wat vrijheid. Zolang de stijl een beetje binnen Het Nieuwsblad past, kan ik eigenlijk zowat mijn ding doen. Als ik in balpen wil tekenen, dan pak ik een balpen. Ik doe het ook dikwijls volledig vectorieel of soms gebruik ik wat aquarel. Mijn manier van werken varieert enorm. Mijn tekenstijl is sowieso vrij klassiek denk ik, dus het ligt me wel. De enige ‘obstakels’ zijn natuurlijk de deadlines. Het moet meestal vooruit gaan, dus te ingewikkeld kan ik het ook niet maken. Commentaar krijg ik er niet echt op, maar dat maakt me niet uit. Ik laat er meestal ook mijn naam niet bijzetten of zo.

Wat is het vreemdste dat je al hebt moeten tekenen voor Mediahuis?
Echte vreemde dingen heb ik nog niet moeten tekenen, denk ik. Er is eens een hele hoop geld gestolen uit een bank. De dieven zijn toen kunnen ontkomen. Er waren dus geen beelden van de overvallers beschikbaar, maar een van de reporters  had een ooggetuige kunnen opsporen. Ze hebben me toen meegenomen naar die man, om een robotfoto te tekenen. Die ooggetuige bleek een Oost-Europese alcoholist te zijn, toen we bij hem aankwamen rond de middag was hij al straalbezopen. Daar is toen dus niet veel van in huis gekomen.

 

Als we op jouw Instagram kijken, dan zien we heel wat prachtige portretten, door jouw hand getekend. Heel wat bekenden sterren passeren de revue. Vanwaar je fascinatie voor deze bekende personen? Zitten je eigen idolen er ook tussen?
Idolen zou ik ze misschien niet direct noemen, maar het zijn meestal wel mensen waar ik fan van ben, veel muzikanten en komieken. Ik heb zelf absoluut niet de ambitie om muzikant of komiek te worden. Al teken ik ook soms iemand van wie ik een toffe referentiefoto vind, maar voor de rest niet echt iets mee heb. Het is dikwijls makkelijker om een publieke figuur te tekenen dan iemand die ik persoonlijk ken. Een portret  maken van iemand die je goed kent is, op de een of andere manier, toch vrij intiem.  Als het niet het gewenste resultaat oplevert achteraf dan valt het dikwijls niet in goede aarde.

 

Je portretten wisselen soms wel van stijl: van cartoonesk naar realistisch. Maar klopt het dat je een lichte voorkeur hebt voor het tekenen van personen in een cartooneske humoristische stijl?
Allebei (lacht). Sommige mensen hebben gewoon een kop waar je goed mee kan overdrijven, dan kan je er wat meer mee spelen. Een realistisch portret is iets serieuzer, maar dat doe ik ook graag.

Je varieert ook in je tekenmateriaal. We zien illustraties in pen, in olieverf, aquarel of in potlood, … Maar welk materiaal geniet jouw voorkeur?
Balpen, als ik moet kiezen. Dat is het materiaal waarmee ik als kind al het meest mee tekende, en waarnaar ik ook vaak automatisch teruggrijp. Met die gekleurde stylo’s die je tegenwoordig vindt kan je heel mooi realistisch illustreren, maar je kan evengoed een snelle schets maken. Ik vind het blauw van een standaard balpen ook heel mooi, in combinatie met potlood bv. Voor Stralend wit op 60° heb ik eerst een versie getekend met balpen, maar daar was ik niet helemaal tevreden over.

 

Stralend wit op 60° neemt ons mee in de advertentiewereld van wasproducten. Hoe ben je op dit thema gekomen? Roept dit bepaalde herinneringen of een specifieke fascinatie bij je op?
Ik liep al langer met het idee rond om een verhaal te maken over een vrouw die komt vast te zitten in haar wasgoed en de reclameman die opgepeuzeld wordt door zijn eigen product. Maar verder was ik er nooit mee gegaan, het moest nog een soort van einde hebben.

Op een bepaald moment heb ik dan het idee gekregen om er nog een paar huisstofmijten in te steken, om het wat een begin en een einde te geven. Het is dus geen specifieke fascinatie, ik ben geen kuisfreak of zo, maar wel iets dat al langer in mijn achterhoofd zat.

Stralend wit op 60° op Pulp deLuxe »
Profiel Lander Ceuppens »




Gerelateerde berichten