Het Verhoor: Aimée de Jongh over Dagen van Zand
7 juni 2021 


Aimée de Jongh is al een heel eind geen onbekende naam meer in de stripwereld. Meer nog, ze is ondertussen een internationaal bekende striptekenares. Na de zeer succesvolle albums De Terugkeer van de Wespendief en Bloesems in de Herfst (een samenwerking met Zidrou) bracht ze onlangs weer een klepper van formaat uit. DRINGEND tijd om deze talentvolle en sympathieke dame nog eens te interviewen.

door Veerle Devos.

Proficiat Aimée, je nieuwe graphic novel Dagen van zand doet het erg goed in Frankrijk. Je hebt uiteraard een sterk album uitgebracht maar zijn er nog andere redenen waarom je nieuw werk in ons buurland zo goed scoort?
Dank je wel. Ja, het album doet het in Frankrijk, in Nederland maar ook in België  heel goed. Maar mijn andere graphic novel Bloesems in de Herfst heeft het ook uitzonderlijk goed gedaan in Frankrijk. De samenwerking met Zidrou heeft daar uiteraard een grote rol in gespeeld.

Mijn poging om de lezer wat in de war te brengen was geslaagd!

Dat Dagen van zand het momenteel goed doet in Frankrijk heeft niet zozeer te maken met het feit dat we daar meer promotie gevoerd hebben maar wel door een combinatie van andere factoren. Ik heb het geluk dat graphic novels in Frankrijk momenteel heel populair zijn. De Fransen houden nu enorm van getekende verhalen in ‘one-shot’-formaat. Daarvoor deden vooral reeksen het goed, maar sinds een paar jaren zijn ook one-shots erg populair geworden. Ik leef een beetje mee op dat succes. Tien jaar geleden was dit een ander verhaal geweest. In Frankrijk word je als tekenaar ook als een belangrijk persoon behandeld. Dit heeft er natuurlijk mee te maken dat de uitgeverijen in Frankrijk een stuk groter zijn dan die  in Nederland.

Toen ik naar Angoulême mocht gaan was dit een heel bijzondere gebeurtenis. Daar werd ik aan het station ontvangen door een man met een bordje met mijn naam op. Dat vond ik zo’n leuk beeld. Toen had ik toch even het gevoel dat ik het gemaakt had.

In je graphic novel breng je, met jouw tekeningen, de foto’s en het dossier achteraan, heel wat historisch materiaal aan het licht. Ben je zelf naar Oklahoma geweest om daar op zoek te gaan naar informatie?
Ik ben inderdaad naar Oklahoma geweest. Het gebied van de Dust Bowl is eigenlijk een plaats waar er niet zoveel te vinden is. Je hebt er vooral wat bedrijven en grote open velden met hier en daar wat gras. Ze krijgen ook nooit toeristen in dat gebied. Je kan er uren rijden zonder iemand tegen te komen. Toen ik met het vliegtuig in Oklahoma aankwam, moest ik de douane passeren. Daar vroegen ze mij wat ik er te zoeken had. Ik legde hen uit dat ik een tekenares was die daar onderzoek kwam doen voor mijn boek. Ze keken me toen wel heel vreemd aan. Er komen daar enkel boeren. Maar een toerist die daar onderzoek kwam doen? Dat hadden ze daar nog nooit gezien.

 

Ook de mensen ter plaatse, die veel van de geschiedenis van de Dust Bowl af wisten, begrepen er niets van. Wat had een toerist daar toch te zoeken? Toch hebben ze me daar erg goed geholpen. Ik had op voorhand gemaild met de lokale musea. Toen ik er toekwam hebben ze me ook in contact gebracht met personen die mij veel extra  informatie konden leveren. De mensen waren er eigenlijk heel sociaal en hulpvaardig.

In het Dust Bowl-gebied wonen veel Trump-aanhangers. Heb je dit zelf opgemerkt?
Ja, dat klopt wel. Toen ik er heen ging was Trump nog president. De mensen daar zijn echt religieus. Het zijn ‘hardcore’ christenen. In de omgang is de bevolking er enorm lief en gastvrij. We sliepen in een Bed & Breakfast en bij het ontbijt moesten we samen bidden. Het leven was er erg traditioneel. Het zijn lieve mensen maar de truuk is om er gewoon niet over politiek te beginnen. Als je over politiek begint gaat het helemaal fout en vallen er harde woorden, dus dat hebben we wijselijk maar niet gedaan.

In je boek kunnen we niet enkel je prachtig tekenwerk bewonderen maar je plaatst ook mooie foto’s. Elk hoofdstuk start met een foto waarvan je dan een detail uitwerkt in jouw illustraties. Wat wilde je specifiek bereiken met deze manier van werken?
Ik had in het begin het idee om achterin een dossier te maken met heel wat foto’s, informatie en geschiedenis. Ik wilde dus eerst alle foto’s achteraan de graphic novel plaatsen. Maar toen had ik een thema te pakken: het verschil tussen werkelijkheid en fictie.

 

Het komt een paar keer voor dat je als lezer denkt ‘is dit nu echt of is dit fictie?’. Het was best grappig want toen ik de foto’s tussen de tekeningen had gezet, dacht je als lezer van ‘Eh? Heeft de fotograaf in het boek nu zelf die foto’s genomen? Dit was toch een fictief verhaal?’. Ik vond dat zo leuk dat ik deze manier van werken opzettelijk erin verwerkt heb. Vorige week belde er nog een journalist om mij te laten weten dat ze de fotograaf in mijn verhaal gegoogeld had, maar dat ze geen foto’s van hem vond. Ik heb haar toen moeten zeggen dat het personage niet echt bestond, dat ik hem verzonnen had. Mijn poging om de lezer wat in de war te brengen was geslaagd!

 

De enorme droogte in Oklahoma werd veroorzaakt door de mensen die daar massaal het land zijn gaan bewerken, maar het heeft uiteraard ook te maken met het extreme klimaat. Dit thema is ook toepasselijk op onze huidige situatie. Heb je ook een soort van waarschuwing voor de opwarming van het klimaat erin gestoken?
Het was niet echt mijn bedoeling om dit als een waarschuwing te laten uitschijnen, maar het extreme klimaat is natuurlijk wel een belangrijk thema in mijn onderzoek en uiteindelijk in het verhaal. Nu is die droogte daar gelukkig wat opgelost. Ze hebben een groot deel van de originele gewassen laten terugkomen. Deze gebieden zijn ondertussen beschermd, want er mogen bijvoorbeeld ook geen akkers meer aangelegd worden. Je hebt er weer meer graslandschap en die enorme stofstormen komen er ook niet meer voor, maar er wonen nog maar weinig mensen in dat uitgestrekte gebied. Het is er veel te warm, te koud of te nat om te wonen. Er heerst daar een extreem klimaat. Het zal de komende jaren ook niet verbeteren, vrees ik. Er zijn ook al experts die waarschuwen voor een tweede Dust Bowl binnenkort, over twintig jaar ofzo. Best wel heftig dat we dat dan ook zelf gaan meemaken. Dan zijn die foto’s uit het album weer erg relevant. Het album is dan niet enkel een historisch maar ook een futuristisch verhaal geworden.

Het moet toch niet altijd gemakkelijk zijn voor de mensen die daar wonen?
Ja en nee. Als je daar rondrijdt heb je echt wel het gevoel dat je er helemaal alleen bent en dat de wereld is vergaan ofzo. Ik begrijp de mensen daar nu echt wel wat beter. In zo’n klein dorpje of stadje heerst een gevoel van een hechte community. Je hebt er niet zoveel, maar de mensen helpen elkaar wel enorm. Je hebt veel mensen die daar echt willen blijven wonen, die bij elkaar willen blijven, want als ze naar de grote stad zouden vertrekken verdwijnen ze in een soort van anonimiteit en dan hebben ze niemand meer. Toen ik Oklahoma zag en voelde, vielen veel dingen op hun plaats. Ik moet ook wel toegeven dat die mensen echt mijn hart gestolen hebben. Tijdens onze reis zijn mijn vriend en ik op een gegeven moment met onze auto langs de weg gestopt om een ceedeetje te wisselen. Er stopte toen een trucker en die vroeg onmiddellijk of alles goed was, of er iets kapot was en of hij ons kon helpen. Dat was zo vriendelijk, in Nederland had ik dit nog nooit meegemaakt. Als je hier in panne staat, wel succes dan. Hier rijden ze je gewoon voorbij  zonder om te kijken (lacht).

Het hoofdpersonage wil als fotograaf in de voeten van zijn vader treden. Het fototoestel speelt doorheen heel het verhaal een heel belangrijke rol. Kan je dit even toelichten?
Het fototoestel speelt een heel belangrijke rol, maar ook het feit dat het hoofdpersonage fotograaf wil worden om appreciatie van zijn vader te krijgen. Zijn vader negeerde en sloeg hem en hij dacht ‘Als ik fotograaf word, dan ziet mijn vader mij weer staan en toont hij oprechte interesse in mij’. Maar als hij dan ter plaatse is om er als fotograaf te werken, merkt hij langzaam aan dat hij dit niet doet voor de foto’s, maar wel voor iets anders, een groter geheel.

 

De manier waarop je jouw tekeningen in perspectief brengt varieert enorm: van close-up tot een tekening die twee pagina’s in beslag neemt. Vanwaar die keuze?
Ik wilde zeker die grote stofstorm tekenen. En dan nam ik twee pagina’s naast elkaar zodat je als lezer het gevoel had dat je echt in die stofstorm terecht kwam.

Die twee pagina’s naast elkaar heb ik toen wel vaker gedaan, het gaf een mooi resultaat want in dat hectisch boek met veel informatie, creëerde ik toen een soort moment van rust. Daarom zitten er veel landschappen in het boek verwerkt. Het is ook een vrij dik boek, dus het is wel eens fijn om dan niet de hele tijd die camera op gezichten te focussen maar wat meer naar achteren te gaan staan. Ook het kleurgebruik zorgde voor een bepaalde sfeer. Ik heb de aardse kleuren die ik zelf in Oklahoma heb mogen bewonderen ook zoveel mogelijk in het boek proberen te verwerken. Ik gebruikte er ook veel de combinatie groen en bruin. Het zijn tegenovergestelde kleuren maar ze vullen elkaar mooi aan.

Het boek zelf schrijven, tekenen en inkleuren was best wel vermoeiend maar ik ben toch tevreden met mijn resultaat.

Totaal terecht Aimée. Bedankt voor dit uitvoerig interview. We wensen nog veel succes toe met Dagen met zand en we zien uit naar meer van dit moois.

 

Foto’s door de fotografen van de Farm Security Administration, tegenwoordig beheerd door de Library of Congress, Washington D.C.

Dagen van zand verscheen bij Scratch Books en telt 208 pagina’s

website Aimée de Jongh »




Gerelateerde berichten