Het Verhoor: Lisa Van der Auwera
30 mei 2021 


Vorige week publiceerden we Van in het begin al van Lisa Van der Auwera op Pulp deLuxe, een verhaal over de intieme zoektocht naar de vrouwelijke identiteit. Het verhaal zelf had al een ganse voorgeschiedenis voor het in onze mailbox terecht kwam, de tekenares heeft die als autodidact evenzeer.

door Bruno Willaert.

verhoor-lisa2

Wat moet de lezer over jou weten?
Ik ben geboren in Turnhout en woon op dit moment in Antwerpen. Ik combineer mijn bijberoep als illustrator al drie jaar lang met een functie aan het Academisch Centrum voor Huisartsgeneeskunde (KU Leuven). Ik heb een bachelor in de Engels-Duitse letterkunde en vertoefde daarnaast anderhalf jaar lang op het RITCS. Als kind wou ik altijd luchtpiraat of biologe worden. Tommy Wieringa is mijn Vader, Brecht Evens de Zoon en Marvin Gaye de Heilige Geest.

Tommy Wieringa is mijn Vader, Brecht Evens de Zoon en Marvin Gaye de Heilige Geest.

 

Vorige week publiceerden we Van in het begin al op Pulp deLuxe, een kortverhaal over een intieme zoektocht naar vrouwelijke identiteit. Daar mag je wel iets meer over vertellen.
Begin februari 2021 werd ik door de stad Leuven gevraagd om deel te nemen aan een etalageparcours voor de Internationale Vrouwendag. Ze zouden mij in Het Besloten Land plaatsen, tevens de uitvalsbasis van Uitgeverij Oogachtend. Uiteraard was ik vereerd, maar tegelijk werd ik – omdat ik op dat moment enkel wat illustraties in de aanbieding had – overvallen door een gigantisch imposter syndroom. Ik nam meteen twee weken verlof en begon als een bezetene te werken aan een beeldroman. Het originele plan was om een portfolio samen te stellen met verschillende illustraties die ik gemaakt had doorheen 2020. Gaandeweg sloop er toch een zeker narratief in, een beknopte coming of age als het ware, over een meisje dat niet met de poppen wilde spelen en als tiener een robot wilde zijn. Algemene thema’s zoals angst voor (lichamelijke) verandering en de droom naar complete vrijheid heb ik proberen koppelen aan een zeer persoonlijke zoektocht naar de eigen (vrouwelijke) identiteit. Ik werk graag kort op de huid. In plaats van een specifieke boodschap te brengen probeer ik een gevoelswereld – met al haar complexiteiten en tegenstrijdigheden – zo waarheidsgetrouw te vertalen op papier. Dit heeft als effect dat het geheel vrij tot zeer ‘vaag’ kan overkomen, maar tegelijkertijd ook een zekere eerlijkheid met zich meedraagt. Het weekend voor de deadline van de Plastieken Plunk spoorde een vriend me lichtjes aan iets in te sturen. Ik heb het boekje herleid tot de absolute kern en ingezonden. Hoewel het de shortlist niet haalde, heeft het tot mijn grote verrassing en blijdschap toch een publicatie op Pulp deLuxe gehaald (lacht).

 

Op Pulp deLuxe staat een ingekorte versie van zeventien pagina’s van de strip die oorspronkelijk blijkbaar zo’n honderd pagina’s omvatte. Moeten we het volledige verhaal eigenlijk nog lezen?
Honderd pagina’s klinkt lijviger dan het in werkelijkheid is. Ik maak gretig gebruik van witruimtes en dat neemt wel wat pagina’s in beslag. Het ‘oorspronkelijke’ boekje was op zich een experiment, een momentopname van twee intense weken en is daarom ook in beperkte oplage gedrukt. Een paar exemplaren zijn wel nog steeds te vinden in Het Besloten Land. Je kan dus stellen dat de versie op Pulp deLuxe een experiment van een experiment is. Ik heb echter het gevoel dat de kern in deze ingekorte versie goed overeind blijft. Het leest nu meer als een gedicht, terwijl het origineel heel fragmentarisch is. In plaats van het verder uit te brengen, ga ik komende zomer verder aan het verhaal sleutelen en het proberen uit te werken tot een volledig narratief om dit vervolgens in pitchvorm terug te koppelen naar Het Besloten Land/Uitgeverij Oogachtend. Dit alles op mijn eigen tempo.

 

Ik lees in je bio dat je in 2017 afstudeerde met een master in Culturele Studies. Hoe heb je daarna de tekenmicrobe te pakken gekregen?
Van jongs af aan is tekenen altijd al een grote passie geweest, maar ik ben daarnaast ook heel theoretisch ingesteld. In het middelbaar volgde ik Grieks-Latijn aan een zeer elitaire, conservatieve school, waar er weinig ruimte was voor echt out-of-the-box creatief denken. Ik wist dat ik ‘in the long run’ iets artistiek wou doen, maar het wat, waar en hoe was op dat moment een groot vraagteken. Een blank canvas noemen ze dat dan in sommige kringen, maar ik voelde me vooral onbeholpen. Uiteindelijk ben ik Taal- en Letterkunde gaan studeren, dat voelde veilig. Tijdens die periode ben ik op creatief vlak echter volledig open gebloeid en heb ik geëxperimenteerd met onder andere theater en film. Tussen mijn bachelor en master in ben ik zelfs even op het RITCS terechtgekomen. Tijdens mijn master Culturele Studies heb ik de tekenmicrobe terug opgepakt en begon ik gaandeweg te beseffen dat dit als medium altijd al juist aanvoelde.

 

Waar haal je doorgaans je inspiratie?
Muziek is een grote constante. Ik zet bijvoorbeeld bijna altijd een plaat op wanneer ik teken, vaak zelfs ‘on repeat’ om in een zekere flow te komen. Een soundtrack van het moment. Momenteel zijn Kate Bush en Frank Zappa de twee artiesten waar ik het meest op ben gefocust. Beide spelen met een extreme vorm van zowel vrouwelijke als mannelijke beeldvorming, zonder vies te zijn van een stevige dosis ironie en pastiche.

 

Bovenal ben ik een echte spons. Ik heb tonnen boekjes liggen waarin ik snelle gedachten en ideeën neerpen. Daarnaast lees ik veel essays. Notes On “Camp” van Susan Sontag is zo eentje waar ik altijd naar teruggrijp. Daarin pleit ze tegen de hiërarchie tussen ‘hoge’ en ‘lage’ cultuur. Een game zoals The Legend of Zelda of een deelnemer uit Rupaul’s Drag Race kan mij op een zekere manier evenveel inspireren als bijvoorbeeld het werk van Charline Tyberghein of Berlinde De Bruyckere. Wanneer er een element is dat me specifiek raakt, probeer ik dit eerst te benoemen en uit te puren. Vervolgens ga ik op zoek naar datzelfde gevoel in een totaal andere kunstvorm. De inspiratie voor bepaalde beelden uit Van in het begin al kwam bijvoorbeeld voort uit een vreemd huwelijk tussen De Bruyckere haar beeldhouwkunst en de populaire manga/anime-serie Attack on titan.

 

Op het einde van de rit wil ik voornamelijk eerlijke, persoonlijke verhalen vertellen. Het banale leven, zeg maar, maar dan misschien opgesmukt met een stevige dosis filosofie. Het is een bipolair kantje van mezelf – het hoogdravende tegenover de lichtheid – waar ik altijd mee heb geworsteld, maar in zijn kern komt het er op neer dat de wereld in zowel zijn triomfen als onhandigheid mij zéér hard raakt.

 

Hoe zie je jezelf evolueren in de stripwereld?
Concreet ga ik dus verder werken aan een eerste beeldverhaal, desnoods in zelfpublicatie. Het is – mits ik geen opleiding heb gehad – nog steeds wat zoeken naar het juiste netwerk en feedback, maar ik heb het gevoel dat ik wel op mijn pootjes terecht zal komen. Opgepikt worden door deze site is al een geweldige boost voor mij om erin door te gaan. Uiteraard blijf ik nuchter. We moeten erkennen dat de stripwereld financieel niet de meest vruchtbare bodem is. Op zo’n klein taalgebied hebben we ongelooflijk veel talent rondlopen. Op cultureel vlak is het een onschatbare rijkdom, maar omdat in mijn eigen bubbel niet zo heel veel mensen met de stripwereld bekend zijn, word ik vaak geconfronteerd met de grenzen van de niche. Zoals Prof. Jan Baetens onlangs sprak, valt het veld institutioneel gezien nog steeds een beetje uit de boot bij zowel de literatuur als bij de beeldende kunsten. De recente (en terechte) hetze over de nieuwe literaire prijs De Boon maakt dit nog eens pijnlijk duidelijk. Daarnaast denk ik wel dat de stripwereld als geen ander de vruchten van de digitale revolutie kan plukken. Kijk maar naar de niet te onderschatten populariteit van webtoons. Ook geven sociale media zoals Instagram veel interessante mogelijkheden om verhalen te vertellen. Mogelijkheden die, denk ik, nog niet helemaal tot het uiterste verkend zijn. Commerciële succesverhalen zien we nu al in de nieuwe lichting vrouwelijke cartoonistes zoals Chrostin, Niet Nu Laura en Floor Denil. Het in vraag blijven stellen van mezelf, mijn verhalen en het medium dat ik gebruik, is alvast iets dat ik zal blijven doen.

Van in het begin al op Pulp deLuxe »
Profiel Lisa Van der Auwera »







Gerelateerde berichten

GRID: de jury

GRID: de jury

23 april 2024 
0




More Story

Café Grensgebied: Meneer Heirman

Sedert een aantal weken mag de horeca hun deuren opnieuw openen. We maakten van de gelegenheid gebruik om na drie jaar het terras...