Het Verhoor: Katrien Tanghe
20 december 2020 


Vorige week mochten we met Pulp deLuxe aanwezig zijn op het atelierfeestje van Katrien Tanghe. Deze week leren we hoe het is om je masterjaar Beeldverhaal te moeten doen in coronatijden.

door Bruno Willaert.

verhoor-katrien2

Wat moet de lezer weten over jou?
Ik ben 21 jaar en momenteel studeer ik Beeldverhaal aan LUCA School of Arts Brussel. Als alles goed gaat, zal ik dit schooljaar mijn master afwerken en afstuderen.

Welke evolutie heb je als stripmaker al doorgemaakt gedurende je bachelorjaren?
Persoonlijk vind ik dat ik al een grote evolutie heb doorgemaakt. Voor ik begon aan deze opleiding, tekende ik al mijn hele leven, maar probeerde ik nooit nieuwe dingen uit en werd amper beter in tekenen.

Bij het begin van deze opleiding raadden de docenten ons aan een schetsboek bij te houden en daar zoveel mogelijk in te tekenen. Als ik naar mijn eerste schetsboeken terugkijk, lijkt het alsof ik toen niet echt durfde te tekenen. Hoewel ik me daar toen zeker niet bewust van was, was het alsof ik mijn potlood niet op het papier durfde te zetten. Toen gebruikte ik in mijn schetsboeken enkel een gewoon potlood. Het was nog niet in me opgekomen dat je met andere materialen ook kan tekenen. Doordat de docenten van Beeldverhaal je echt wel aanmoedigen zo veel mogelijk te experimenteren, ben ik daar ondertussen wel los van gekomen en heb ik permanent vele verschillende materialen in mijn pennenzakken zitten.

 

Bij het striptekenen merk ik natuurlijk ook een hele verandering. In mijn eerste jaar moest ik nog ontdekken hoe ik het beste aan een strip moest beginnen.

De docenten gaven veel tips en opmerkingen, maar dat was in het begin nog heel veel om rekening mee te houden en te onthouden wanneer ik een strip maakte. Ik was ook heel slecht in kritisch zijn, omdat ik totaal nog niet wist wat ik zelf goed of slecht vond. Voor deze opleiding las ik eigenlijk helemaal geen strips of graphic novels, dus wist ik niet veel over compositie, contrast, etc. Door meer strips te lezen zie ik nu zelf ook verschillende zaken die tijdens de lessen aan bod gekomen zijn en die ik in mijn strips zou willen integreren.

Er zijn nog verschillende zaken waar ik aan kan denken die ik nog niet onder de knie heb of die gewoon nog beter kunnen natuurlijk, maar deze afgelopen vier jaar heb ik toch al enorm veel bijgeleerd.

Onlangs publiceerden we op Pulp deLuxe Atelierfeest, een kort stripje die vooral ook opvalt door het functioneel gebruik van kleurpotloden in regenboogkleuren. Hoe kwam je op het idee?
Atelierfeest maakte ik naar aanleiding van een opdracht op school, waarbij we een kort verhaal moesten maken rond een feestje op ons (fictieve) kot. Het kot dat ik ontwierp was eigenlijk veel te krap om een feest in te geven, wat me deed denken aan zulke fuiven met veel te luide muziek om elkaar te kunnen verstaan, waar iedereen tegen elkaar geduwd wordt en lichten die van kleur veranderen.

Door dat laatste leek het een logische keuze om een kleurrijke strip te maken. Als ik het me goed herinner, was het Judith Vanistendael die me zei dat ik eens kleurpotloden moest gebruiken. Atelierfeest maakte ik aan het einde van mijn tweede jaar en doorheen dat hele schooljaar had ik het ene materiaal na het andere zitten testen. Ik probeerde gouache, digitaal kleuren, acrylverf, maar omdat ik met dit alles voor het eerst werkte, was ik daar niet altijd tevreden mee. Werken met kleurpotloden lag me toen duidelijk het beste.

Mogen we nog meer semiautobiografische strips van je verwachten of is het de bedoeling om het tijdens je masterjaar over een andere boeg te gooien?
Mijn bachelorproef van vorig jaar was inderdaad ook semiautobiografisch. Tijdens het tweede jaar Beeldverhaal moesten we verschillende strips maken waarbij we onszelf als hoofdpersonage gebruikten en een andere klasgenoot als tegenspeler. Mezelf en mijn klasgenoten tekenen had ik onder de knie, dus werd me aangeraden om hen opnieuw te gebruiken. Daardoor moest ik ook gewoon geen tijd meer verspillen aan het bedenken en ontwerpen van personages en kon ik meteen beginnen aan het verhaal en de decoupage.

Dit schooljaar had ik verschillende ideeën om voor mijn master te gebruiken, waaruit ik er eentje gekozen heb waarbij ik mezelf niet als hoofdpersonage kan gebruiken. Het is een verhaal over een groepje bejaarden die niet tevreden zijn met hun leven in het rusthuis en beslissen te ontsnappen om samen een B&B te openen. Helemaal iets anders dus.

Welke impact heeft corona gehad op je huidige masterjaar?
Het masterjaar werd helemaal anders dan verwacht. In maart waren we nog optimistisch dat alles bij het volgende schooljaar weer min of meer normaal zou zijn, wat duidelijk niet het geval is. Over verschillende lessen horen we niet veel en sommigen gaan helemaal niet door, dus lijkt het soms alsof ik al afgestudeerd ben. Gelukkig heb ik thuis een eigen kamer met voldoende plaats en heb ik niet al te veel moeite om mezelf aan het werk te zetten.

 

Het werken voor mijn master is dus niet zo’n groot probleem, maar ik heb wel duidelijk minder motivatie. Het was altijd heel motiverend en inspirerend om te zien waar al mijn klasgenoten of de studenten van de andere jaren mee bezig zijn. Nu komen we helemaal niet meer in contact met hen en ook heel weinig met onze eigen klasgenoten, wat echt jammer is.

Mijn schetsboek lijdt wel erg onder de situatie. Vroeger greep ik altijd naar mijn schetsboek wanneer ik op school anderen zag tekenen. Ik had het permanent bij en tekende er elke dag minstens één keer in. Door nu elke dag in dezelfde omgeving te zijn, zijn er veel minder dingen die ik nog interessant vind om te tekenen en vergeet ik er in te tekenen.

Vorig jaar studeerde je een semester aan de Kunsthochschule in Kassel waar je ook een bijdrage leverde aan Triebwerk #9, een jaarlijkse bloemlezing van hun studenten. Wat heeft die uitwisseling jou bijgebracht qua ervaringen?
Het was vooral heel fascinerend om te ontdekken hoe ze daar werken. Het was echt heel anders dan hier. Wij hebben hier een vast uurrooster waar we ons aan moeten houden, docenten die van ons verwachten dat we op tijd zijn en dat we elke keer veel gewerkt hebben. In de Kunsthochschule was dat helemaal niet het geval. Ze hadden er geen examens of studiepunten en ze studeren er ook minstens dubbel zo lang als wij hier, dus dat was even wennen.

Daar werd eerder verwacht om aan je eigen projecten te werken en als je de deadlines die dan toch opgelegd werden, niet haalde, was dat ook helemaal geen probleem. De enige deadline die echt belangrijk was voor hen (maar waar veel studenten zich toch niet aan hielden), was die van het inzenden van onze strips voor Triebwerk #9. De mentaliteit was een groot contrast met die van hier.

 

Ik merkte snel dat het systeem hier in België me beter lag, maar het leerde me wel hoe ik mezelf aan het werk zet zonder externe deadlines. Ik moest mezelf zien te motiveren, mezelf deadlines opleggen en zorgen dat ik me daar ook effectief aan hield. Ik denk dat me dat wel hielp zelfstandiger te werken en meer vertrouwen te hebben in mijn eigen opinie. Achteraf bleek het heel handig dat ik zoiets al had ervaren, want vrijwel vlak nadat ik terug in België was, begon het hele gedoe met corona. Daardoor had ik veel minder tot geen les meer en opnieuw mezelf moest zien te motiveren om te werken, zoals nu opnieuw.

Wat mogen we nog van je verwachten in de toekomst?
Als alles verder nog goed loopt, zou ik aan het einde van dit schooljaar mijn masterverhaal af moeten hebben. Het verhaal is min of meer volledig, de personages zijn ongeveer af, dus nu moet ik beginnen tekenen, tekenen, tekenen. Ik heb nog een paar maanden om het af te krijgen, wat tegelijk lang en kort lijkt, dus we zullen zien hoe dat nog gaat.

Atelierfeest op Pulp deLuxe »
Profiel Katrien Tanghe »




Vorig artikel
Zine Club Pen Pals
Volgend artikel
Eindejaarsvragen 2020 (1/2)



Gerelateerde berichten





More Story

Zine Club Pen Pals

Onze eigen Zine Club is er in januari terug met een nieuwe aflevering. Bij Zine Club Muntpunt hebben ze de geplande workshops...