Nora’s herkenbare zwart-witte tekenlijnen ontstonden toen ze in 2023 haar penseel opzij legde en een HB-potlood ter hand nam. Met dat potlood tekende ze ook El Gato Especiál. Wie Pulp deLuxe volgt, zag haar werk daar de voorbije jaren al regelmatig passeren, onder meer met een voorpublicatie uit dat boek.

El Gato Especiál

Hoe is het verhaal ontstaan?

Dit verhaal ontstond uit een schoolopdracht toen ik Illustratie studeerde aan LUCA Gent. In het derde jaar moesten we een schilderij kiezen en daarop een reeks illustraties baseren. Ik sukkelde daar wat mee. Net op dat moment was mijn familie in Mexico en ze stuurden filmpjes van worstelwedstrijden. Ik had dat nog nooit gezien en besloot daar rond te werken. In plaats van schilderijen begon ik vechtscènes na te tekenen.

Binnen die kaders begon ik een personage en zijn leven te bedenken: hoe hij zich gedraagt, waar hij woont en wat er bijzonder aan hem is. Ik teken graag sfeerbeelden om een wereld te creëren, en dat zit ook sterk in dit boek.

Ik doe ook graag aan peoplewatching. Dan zie je snel bijzondere figuren die het vertrekpunt kunnen zijn voor een personage. Ik houd een lijstje bij van zulke observaties, zodat ik erop kan terugvallen wanneer ik snel een idee nodig heb.

Het was eigenlijk nooit de bedoeling dat dit verhaal een boek zou worden. Het ontstond uit losse beelden in verschillende formaten die ik bijsneed tot ze goed zaten. Pas gaandeweg begonnen die individuele tekeningen samen een verhaal te vormen.

De voedselinspectie zou het tacoskraam van het hoofdpersonage afkeuren met al dat kattenhaar. Hoe speel jij met die vrijheid van verbeelding in tekenkunst?

Daar denk ik eigenlijk niet zo bewust over na. Ik vind het vooral leuk om de extremen op te zoeken. Zo is het begonnen: hij heeft gewoon heel veel katten, en dat kattengegeven heb ik consequent doorgetrokken. Ik merk wel dat dit boek vooral voor kattenmensen is.

Ik vind het bijvoorbeeld ook heel absurd wanneer mensen hun kat in zo’n doorzichtige draagbol stoppen. Dan lijkt die kat plots een astronaut. Dat vind ik geweldig om te zien.

Mijn broer en ik hadden vroeger twee katten, Frida en Diego, maar eigenlijk waren we er een beetje bang voor. Ik was sowieso vaak bang voor dieren. Nu zou ik graag weer een kat hebben. Geen tien zoals mijn personage, maar eentje lijkt me wel gezellig. Alleen weet ik nog niet wat voor soort kattenpersoon ik zou zijn, maar zeker geen worstelende.

Wat is het struikelblok of de les die je bij dit verhaal leerde?

In mijn derde jaar, in 2023, had ik nog nauwelijks met potlood geëxperimenteerd. Ik schilderde vooral met acrylverf en ecoline, omdat ik toen, zoals velen, sterk geïnspireerd was door Brecht Evens. Maar het voelde niet echt eigen, dus besloot ik mezelf uit te dagen en met een HB-potlood te werken.

Het was zoeken naar hoe je met potlood vlaktes en openheid creëert en welke keuzes je daarin maakt. Ook variatie brengen in personages was een leerproces, zodat ze niet allemaal op elkaar lijken. Mijn docenten gaven daarbij tips waar ik zelf niet aan gedacht zou hebben, zoals inkleuren in de richting van een beweging.

Door de materiële uitdaging merkte ik dat potlood mij eigenlijk het best ligt.

Wat ik vooral leuk vind, is details toevoegen. Ik teken vaak dingen na die ik ken. Zo zitten bijvoorbeeld de wasbak en de spiegel uit ons huis in het boek. Zulke elementen maken de getekende wereld voor mij tastbaar.

Door die materiële uitdaging merkte ik dat potlood mij eigenlijk het best ligt. Het werd steeds leuker en gemakkelijker om mee te werken. In de master probeerde ik nog andere materialen, maar uiteindelijk bleef potlood het prettigst.

Pas in 2025, tijdens mijn schakeljaar Beeldverhaal, experimenteerde ik met kleurpotlood. Dat was spannend, maar toch grijp ik het liefst terug naar die grijze potloodjes.

Dit verhaal maakte je jaren geleden af voor een schoolopdracht en nu is het als boek uitgegeven. Wat doet dat tijdsverschil met je werk?

De originelen zijn illustraties in verschillende formaten en waren eerder bedoeld om sfeer op te roepen dan een verhaallijn te volgen. Daarom staat er geen tekst bij en zijn sommige tekeningen verticaal. Voor mijn jury had ik ze last minute in een boekje genaaid. Een extern jurylid zei toen dat ik ermee naar uitgeverijen of animatiestudio’s kon stappen.

Vorig jaar wilde Bries eigenlijk mijn masterproef publiceren, maar die is nog niet af. Daarom stuurde ik hen de pdf van deze worstelaar.

Om er een boek van te maken, heb ik de verticale pagina’s uitvergroot en er een stuk bij getekend zodat ze horizontaal werden. Het is eigenlijk toevallig dat telkens de linkerkant verder uitgewerkt is en de rechterkant meer een lijntekening blijft, maar het werkt wel. Zo komt mijn eerste potloodwerk samen met hoe ik nu, na al die tijd, teken.

Toen het boek verscheen was ik er superblij mee. Meestal zijn het vrienden of familie die mijn werk willen hebben. Nu waren het plots mensen die ik niet kende en die vroegen om het te signeren. Dan dacht ik: wow, dit is echt cool. Voor mij bestaat dit verhaal al zo lang, terwijl zij het voor het eerst zien.

Dat onverwachte proces heeft ook veranderd hoe ik nu werk. Ik denk meer na over het boekformaat: een consequent formaat, 3 millimeter bleed voorzien en niets in het midden van een spread tekenen. Zeker sinds ik de opleiding Beeldverhaal volg, speelt de vorm van het boek een grotere rol in mijn werk.

Het is boeiend om die evolutie te zien. Jaren geleden dacht ik nog helemaal niet in termen van een boek. Nu signeer ik boeken met kleine tekeningen van worstelende mannetjes, en daar ben ik ondertussen ook behoorlijk goed in geworden.

Wat is het volgende dat je graag wilt uitgeven?

Mijn masterproef Illustratie ligt er nog, maar daar wil ik eerst verder aan werken. Ik wil echt in die wereld duiken, en als ik tegelijk met meerdere projecten bezig ben, merk ik dat het moeilijk wordt om mij daar volledig op te focussen.

Tegelijk probeer ik niet met het idee te werken dat iets per se moet uitmonden in een publicatie. Zodra je met dat doel begint, leg je jezelf snel te veel druk op. Voor mij blijft het in de eerste plaats een schoolproject: een plek om te experimenteren, dingen uit te testen en bij te leren.

Daarom vind ik Bries ook zo’n fijne uitgeverij. Ze geven je veel vrijheid in hoe het boek eruitziet. Je mag zelf keuzes maken over papier, formaat en vormgeving. Dat past goed bij hoe ik werk: eerst ontdekken wat er ontstaat, en pas daarna kijken of het ook een boek kan worden.

Wij kijken alvast uit naar het moment waarop die volgende wereld opnieuw haar weg naar een boek vindt.

 

El Gato Especiál telt 48 pagina’s en werd uitgegeven door Bries.