Nieuwjaarsverhoor: Jeroen Janssen
3 januari 2021 


Het nieuwe jaar start traditioneel op 1 januari met een Nieuwjaarsconcert in Wenen. Op Pulp deLuxe gaan we je besparen van onze versie van de Radetzkymars. Wij hebben vanavond Jeroen Janssen te gast voor gesprek over zijn productieve jaar 2020 en daarnaast vergast hij ons ook op een ware Schubertiade.

door Bruno Willaert

Je afscheidsjaar als regerend Bronzen Adhemar-winnaar was een heel productieve. Maar liefst drie boeken bij drie verschillende uitgeverijen rolden in 2020 van de persen en daarnaast publiceerden we ook nog twee kortstrips van jou op Pulp deLuxe. Spoorde de lockdown je ertoe om een aantal lopende projecten af te werken?
Het zal zeker een rol geholpen hebben bij het halen van mijn deadlines, maar de planning lag al vast voor er sprake was van Corona. Guca Imigani was net uit en Posthumus lag al bij de drukker op 13 maart 2020.

 

Over je Kronikas-strip Kennismaking in Moskou en je riso-boekje Guca Imigani hadden we het al in eerdere interviews. Tijdens de eerste lockdown in het voorjaar verscheen Posthumus, een strip over de laatste dagen van componist Franz Schubert. De teken- en vertelstijl verraden dat het om verhaal gaat dat lang blijven liggen is. Lag de thematiek van de dood lange tijd te gevoelig om eraan verder te werken? Scenarist Pieter van Oudheusden overleed immers in 2013.
Ik zat in een totaal andere flow sinds ik het Schubert boek in 2011 even terzijde moest leggen omdat Pieter, kort voor hij ziek werd, in een drukke periode zat waardoor ook zijn werk aan het scenario een poosje stokte. Later, in het jaar voor zijn dood heeft hij het volledige scenario afgewerkt.

(lees verder onder de afbeelding)

posthumus1

Ik had het toen eigenlijk meteen kunnen verderzetten, maar ik was volop bezig met een nieuw genre te ontwikkelen: reportagestrips. Later begon ik ook te twijfelen of het allemaal wel goed genoeg was. Mijn stijl was in die jaren zo geëvolueerd, misschien zou ik het hele Schubert verhaal nu anders aangepakt hebben. Beter? Die twijfel verlamde mij wat en het heeft tijd nodig gehad om de kwaliteiten van mijn vroeger werk in te zien en het uiteindelijk toch aan de buitenwereld te tonen. Ik vond de laatste onafgewerkte scenario’s terug in een lade en besloot die ook uit te werken.

Een Schubertiade in Haarlem zat er helaas niet in, maar net voor de tweede lockdown was er wel een in het Stripmuseum. Vanwaar je fascinatie voor het werk van Schubert?
Schubert heeft mij altijd gefascineerd sinds ik hem beter leerde kennen rond mijn twintigste. Zelf is hij nooit ouder geworden dan 31, dus de meeste van zijn thema’s pasten compleet in mijn leefwereld van toen. Onbeantwoorde liefde, verlangen, denken aan de dood. En hij heeft mij nooit meer losgelaten. Toen ik eens bij Pieter polste of hij interesse had in het onderwerp was hij meteen laaiend enthousiast. Opnieuw een gemeenschappelijke passie ontdekt.

(lees verder onder de video)

Het heeft altijd in mijn hoofd gespeeld om bij een boekvoorstelling zelf wat werk van Schubert te spelen. Nu ben ik niet zo’n goeie violist, maar ik hou wel koppig vol als ik iets echt wil. En zeker na de dood van Pieter zou het een mooie hommage zijn.
Een zomer of twee geleden leerde ik Nadiya Mehdizadeh kennen, een Iraanse met een heel mooie stem. Ik vroeg haar of ze Schubert zou kunnen zingen in het Perzisch, en ze was gewonnen voor het avontuur. Met nog een pianiste en een accordeoniste trotseerden we de corona-beperkingen en probeerden af en toe eens te repeteren in de schaarse momenten dat het nog mocht.

Het is een wonder dat we zo weinig vijanden gemaakt hebben maar wij zijn dan ook heel open, empathische en beminnelijke mensen.

Bedoeling was om op te treden in Haarlem, bij de boekvoorstelling. Maar het festival werd afgelast. Een dag voor de tweede totale lockdown in oktober mochten we dan toch een nocturne geven in het Stripmuseum in Brussel. Mijn Kameraad Che Guevara was net verschenen en mijn co-auteur Hilde Baele, die in Mauretanië woont, was voor 4 dagen in België. Het was gezellig. Het was alleen jammer dat mensen toen al stijf van schrik stonden als je nog maar het woord Brussel uitsprak, op dat moment de zwaarst door Corona getroffen plek ter wereld. Ik hoop dat we het nog eens over mogen doen wanneer het sociale leven weer op een normaal tempo draait.

In het najaar verscheen tenslotte Mijn Kameraad Che Guevara dat je samen met journaliste Hilde Baele gemaakt hebt en waarin je een knap staaltje stripjournalistiek ten berde brengt. Het verhaal van Ché Guevara in Afrika is eigenlijk een handige leidraad om een authentiek beeld te schetsen van de woelige politieke geschiedenis van Rwanda.
We zijn niet over een nacht ijs gegaan, we hebben alles gecheckt en gedubbelcheckt. Met Hilde ben ik zelfs naar Cuba geweest om een paar verhalen te checken, en verder heeft vooral Hilde zich erg diep ingegraven in de geschiedenis van Rwanda.

Hoe je het ook draait of keert als je iets vertelt over de Rwandese geschiedenis zal je altijd ergens op zere tenen trappen, en altijd, zelfs 50 jaar na datum, zal je voor elk geschiedkundig feit iemand vinden die net het tegenovergestelde kan bewijzen. Het is een wonder dat we zo weinig vijanden gemaakt hebben maar wij zijn dan ook heel open, empathische en beminnelijke mensen (lacht).

(lees verder onder de video)

De dood speelt ook een belangrijke rol in dit boek. Jérôme Sebasoni, rond wie het boek draait, overleed in 2016, nog geen jaar nadat een kortstrip over zijn avonturen met Ché Guevara in MO* verscheen. Was het boek zelf altijd al de bedoeling of werkte de ontmoeting met de dochten van Ché Guevara op Manifiesta 2016 als katalysator dat tot het boek geleid heeft?
Als ik mijn boeken van de laatste 10 jaar erop na, merk ik dat er tientallen mensen in staan die al overleden zijn. Soms goede vrienden, en ook al eens een hoofdpersonage zoals Marcella (Doel) of nu Jérôme Sebasoni. Zijn wens was dat zijn verhaal na zijn dood niet zou verloren gaan, dat was onze drijfveer. Daar zijn we in geslaagd. Wij hadden graag gewild dat hij ook het verschijnen van dit boek had meegemaakt, en met ons samen naar Cuba kon reizen. Dit heeft niet mogen zijn. De ontmoeting met Aleida Guevara was een gelukkig toeval, maar veel belangrijker nog was de ontmoeting met commandant Victor Dreke, die we net als Aleida op Manifiesta in Bredene ontmoetten. Hij heeft Jérôme persoonlijk gekend en kon ons onschatbare informatie verschaffen. Waarmee ik niet wil zeggen dat de ontmoeting met de dochter van Che Guevara geen kippenvel moment was.

 

Werkt jullie aparte onderzoeksmethode ook in België of is het bij voorkeur enkel te hanteren in Rwanda?
Dit werkt ook in België. Het vergt alleen de juiste instelling: een grote nieuwsgierigheid en veel geduld. En een totale desinteresse voor financiële compensatie of snel resultaat. Nooit gedacht dat ik dat bij iemand anders als Hilde nog zou vinden (zij woont en werkt al driekant van haar leven in Afrika en dat helpt zeker om de juiste mentaliteit te kweken) maar nu ben ik onlangs een nieuw onderzoeksproject gestart in mijn eigen Gent, samen met Arezoo, een Iraanse uit Ledeberg. Met haar werk ik nu aan Mijn Autostradelandje.

 

Wat mogen we nog verwachten in de nabije toekomst? Komt er echt nog een boek over de grote voeten van Rwandees president Paul Kagamé?
Zie vorige vraag. En goed dat je mij eraan herinnert. Ik zal Hilde nog eens vragen naar het verhaal van de grote voeten van Kagamé. We mijmeren ook over een nieuw Bakamé verhaal. Plannen genoeg nog dus.

 

Profiel Jeroen Janssen »

 


Ook Jeroen Janssen vroegen we om onze Eindejaarsvragen te beantwoorden.

1. Wat is het beste dat je gelezen hebt in 2020?
2. Welke film, tv-serie, muzikant en/of toneelstuk is je bijgebleven in 2020?
3. Wat was het leukste feestje of activiteit dat afgelopen jaar geannuleerd werd?
4. Waarmee heb je dit jaar geëxperimenteerd?
5. Wat zijn de vooruitzichten voor 2021?
6. Welke tekenaar zou je de opdracht toe vertrouwen om van 2020 een graphic novel te maken? En in welk genre zou die zijn?

 

rustybrown153765-wannes-cappelle-en-nicolas-callot-duiken-op-het-album-kom-benevelt-mie-in-het-oeuvre-van1. Ik kom van ver en blijf niet lang van Ward Zwart en Enzo Smits en Rusty Brown van Chris Ware.

2. Wannes Cappelle en Nicolas Callot maakten een Westvlaamse versie van enkele Schubertliederen. Ik had graag het concert bijgewoond maar dat is uitgesteld tot na corona.

3. Onze eigen Schubertiade tijdens de Stripdagen Haarlem.

4. Bach spelen op de viool, filmpjes monteren, muziek maken met de buren op de hoek van de straat (en arrangementjes leren schrijven van de liedjes die we met de buren speelden), Arabisch en Russisch leren, …

5. Ik hoop dat het leven stilaan weer normaal wordt. Het zal nog zeker zijn tijd duren eer we weer mogen knuffelen, concerten en cinema bezoeken, reizen en samen spelen met ons orkestje De Ledebirds. Maar we konden het gelukkig compenseren met veel nieuwe passies, waar dan weer te weinig tijd voor zal zijn, vrees ik.

6. Ward Zwart, zo’n fantastisch talent. Ik heb hem jammer genoeg niet persoonlijk gekend, maar echt een verlies dat hij er niet meer is. Hij mag dat samen met Chris Ware doen, elk in hun typische stijl.




Gerelateerde berichten